Spica:
Lengte:47.47 meter
Breedte: 8.75 meter
Diepgang: 4.00 meter
Bewapening: 2x Machine geschut.
Bouwjaar: 1942
Bouwwerf: Beliard Crighton Oostende (België)
Op 9 september 1942 werd in bezet België een schip te watergelaten.
Op de werf van Beliard Crighton te Oostende, gleed het schip langzaam het water in.
De vlag werd in top gehesen, van het schip dat de naam `Langeoog` zou krijgen.
De Duitse bezetter, had nu een gloednieuw schip, om loodsen te vervoeren, die naar hun te beloodsen schip moesten, en ze waren tevens, in staat om de vaarwegen, te markeren, met tonnen, en boeien.
Het schip werd dus over gedragen, aan het `Lodsenkommando und Seezeigenambt der Kriegs marine. ( De Duitse Loods en Betonningsdienst, ten tijde van de 2e wereldoorlog)
Toen in mei 1945 de oorlog ten einde kwam, en de Amerikanen, het schip vonden, werd het gevorderd tot krijgsbuit.
In datzelfde najaar werd het schip in bruikleen gegeven aan het Wasser und Schiffahrtsamt, te Bremerhaven. (De Duitse Rijkswaterstaat). Het zwaar verarmde Duitsland, had in de oorlog veel schade geleden, en ook de vaarwegen, waren in slechte staat. In 1954 kocht de directie van het WSA te Bremen, het schip voor het kantoor te Bremerhaven .
Het schip was intussen al wat aangepast, en had een onderhoudsbeurt gekregen.
Het was uitgerust, met een tripple expansie stoommachine, van 500 pk.
Het schip had een snelheid, van 9,5 zeemijl. En was in staat, om bij deze snelheid, 2500 zeemijlen, af te leggen, met 100 ton kolen.
.
Op 30 april, 1969, werd het schip, uit dienst gesteld, en voor de sloop verkocht.
Dit is echter niet gebeurd, want dat zelfde jaar kocht een jeugdvereniging uit Maassluis het schip.
Dit was een nautische jeugdvereniging die zich Zeekadetkorps noemde.
Hun oude korpsschip was aan vervanging toe, en ze waren dan ook op zoek, naar een nieuw onderkomen.
Deze vonden ze in een oud Duits betonnings vaartuig.
Het schip meerde in december 1969 in Maassluis af.
Aangezien, de stoommachines, en de ketels, van het schip al verwijdert waren, besloot men om er verblijven van te maken, en zo de ruimte te benutten.
In mei 1970 was het zover, na een grondige onderhoudsperiode, nam Zeekadetkorps Maasluis, het schip officieel in gebruik.
Het schip kreeg hierbij een nieuwe naam “Lemaire”.
Vernoemd naar Ltz1 der specialediensten W.C. Lemaire, die in die periode voorzitter van Zeekadetkorps Nederland was. Deze beste mijnheer, was ook schrijver van boeken, over de Marine. (bv Onze Koninklijke Marine deel 1 tot 4 uit 1965)
En zo begon de voormalige tonnenlegger, aan een tweede leven.
Tijdens haar periode als korpsschip bij maassluis, heeft ze het nodige meegemaakt.
Een aantal keren is de romp onder gekalkt.
Een warrige tijd die jaren 70. De Vietnam oorlog liep ten eind, en krakers rellen begonnen. Flouwer Power was uit, en Punk, New Wave, en Rock’n’ Roll waren in.
Een van de meest toonaangevende stations was een zeezender RADIO VERONICA.
De aller eerste commerciële radiozender van Nederland.
Maar ook de regering zocht toen der tijd, iets om tegen aan te trappen.
Het zendschip VERONICA moest en zou verdwijnen.
Reden genoeg voor de zeezender, om in actie te komen! ( En zoals later bleek met succes.)
Met de slagzin, “Veronica blijft, als jij dat wilt!” riep men op tot actie.
Dat gebeurde ook in Maassluis.
Drie kwartiermeesters van het plaatselijke korps, kwamen in actie.
Met kwasten, en bussen kalk, verfden ze met grote letters “VERONICA SIZES”, op de romp van de “Lemaire”.
Dit echter niet geheel onopgemerkt!
Na het verrichten van hun, protest daad, greep de toenmalige havenmeester van Maassluis ze in de kraag.
Een andere keer dat de “Lemaire” ondergekalkt werd was met het 25 jarig bestaan van het Zeekadetkorps Maasluis, en het jubileum van haar toenmalige commandant dhr. J. Warbout.

In 1979, kocht het Zeekadetkorps Maasluis haar huidige korpsschip, een voormalige loodskotter.
Dit betekende het einde voor de “Lemaire”, er werd besloten het schip van de hand te doen.
Gelukkig diende zich een nieuwe eigenaar aan, namelijk, een ander Zeekadetkorps uit de omgeving.
En in juni van dat zelfde, vertrok het schip naar……….
SCHIEDAM!
Het Zeekadetkorps Schiedam, zat toen met een groot probleem, hun oude korpsschip, de voormalige mijnenveger “Jan van Gelder, was met spoed aan vervanging toe.
En men was dan ook erg blij met de komst van het schip.
Na een onderhoudsperiode van een jaar werd het schip in mei 1980 officieel in dienstgesteld.
Ook dit keer veranderde de naam.
Besloten was het allereerste korpsschip van Schiedam te eren.
En zo werd de tonnenlegger “Langeoog”, van “Lemaire” in “Spica”.
Het Zeekadetkorps Schiedam, heeft de “Spica”al vele malen in gezet, ten behoeve van het korps!
Zo werd in de Zomermaanden de toenmalige ligplaats, bij het bedrijf HCG (De oude naam van HSM Steel Structures), in de Wilheminahaven, verruild, Voor de Voorhaven.
Daar lag de “Spica “dan vlak naast de sluis.
Regelmatig spande men er kabelbanen, roeide regelmatig de Maas op.
Tevens was het schip, de thuisbasis, van het voor Schiedammers wel bekende evenement “Schiedam Roeit”.
Waarbij roeiteams, van lokale bedrijven, en instellingen, het tegen elkaar opnamen.
Dat je met een schip zonder voorstuwing, ver kan komen, dat bewees de “Spica”, in 1986 wel.
Het schip was voor de gelegenheid, versleept naar het Grevelingenmeer,(Zeeland) om daar deel te nemen, aan het nationaal zomerkamp van dat jaar!
Ze was voor die gelegenheid zelfs uitgerust met een nieuwe generatorset.
Een Hatz.
Om de Spica, te verslepen, naar de kampplek, waren er sleepboten, gehuurd.
En voorzichtig werd de oude dame naar de kampplek versleept.
Dat ook de beste kapiteins, wel eens de fout in gaan bleek wel, weer, toen de voorste sleper, op de Grevelingen, vast liep op een zandbank.
Een luide knal, en een hoop gekraak volgden.
Het ergste werd gevreesd, voor onze oude schuit….
Maar niets bleek minder waar, behalve een fikse deuk in de boeg, was er niets aan het handje.
Helaas was de sleper er slechter aan toe. De Spica, had hem flink geraakt, en men was niet in staat om verder te varen.
Na wat ingeroepen, assistentie, bereikte de Spica, als nog haar bestemming.
Na enige rustige jaren in de Wilhelminahaven gelegen te hebben, deden Gabber, en House, hun intrede. Er werd stevig op los gehakt, zullen we maar zeggen, en menig maal, mocht de oudere, generatie, zich ergeren, aan een boordradio vol Thunderdome, en andersoortig, gezaag!
Halverwege de jaren 90, was het dan ook tijd voor een grote opknapbeurt.
De gigantische masten, van het schip, en de schoorsteen werden, aangepakt
Een dokbeurt volgde, en, beide brugvleugels, en het achterdek, hadden last van rotting’roest en lekkage.
En na een uitgebreide cosmetische ingreep, zag de Spica er weer jaren jonger uit.
Ook was het tijd voor een verbouwing in de verblijven, want ook die waren behoorlijk uitgeleefd.
Het 50 jarig bestaan, van het Zeekadetkorps Schiedam, werd namelijk gevierd, in 2001,
En het schip moet er weer piekfijn uitzien, dus ook na de dokbeurt, was er nog een hoop werk!
Waarna er weer een feestje gebouwd kon worden, ter gelegenheid van dat 50 jarig van die club die zij al 22 jaar lang een veilig heen en onderkomen bood.
De schik zat er dus ook goed in toen de gast werf HSM, werd overgenomen, door een nieuwe eigenaar.
Deze zou wel eens andere plannen kunnen hebben, aangaande de Zeekadetten, met hun, Spica, en de van Versendaal, Die laatste is trouwens, sinds 1986 de overbuurman, van de Spica, en sindsdien waren ze onafscheidelijk.
Wat men vreesde gebeurde ook daadwerkelijk.
We moesten, weg.
Er werd druk gezocht naar een andere locatie om te gaan liggen.
De Voorhaven, of misschien, in de Schie?
Uiteindelijk viel; de keuze of de Wilheminahaven, achter Zwembad zuid.
Een afmeermogelijkheid, was daar echter niet, en een ligplaats werd geboren.
Na enig vergaderen, en beraad, aan boord van de voormalige tonnenlegger, werd besloten, om er op die plek een te bouwen.
En zo geschiedde het dat op 17 maart 2007, de Spica haar oude ligplaats verruilde voor een nieuwe.
Een prachtige ruime plek, met een ruim uitzicht van af de dijk, op de twee schepen van het Zeekadetkorps.
Op 14 mei ruim 65 jaar na haar tewaterlating, zal ze weer in de belangstelling staan, als een echte, Duitse filmster.
De burgermeester van Schiedam, mw. Verver-Aartsen, zal dan de ligplaats openen.
En zij zal haar dan vereren, met een bezoek, met de wens nog lang een veilige thuishaven te zijn voor de Zeekadetten van Schiedam.





